Eeen klokje voor een bijtje – Plant je mee?
Klokjesbijen in Ijsselstein
Klokjesbijen zijn solitaire bijen, bijen die niet zoals de honingbij in kolonies leven, maar elk voor zich. Ondanks hun bescheiden formaat zijn het verrassend krachtige en doelgerichte dieren. Als volwassen bij leven ze slechts enkele weken in de zomer, afhankelijk van de soort: de kleine en grote klokjesbij verschijnen tussen mei en augustus, terwijl de klokjesdikpoot doorvliegt tot in september.
Ook in IJsselstein komen deze charmante klokjesspecialisten voor. Je kunt er drie soorten aantreffen: de kleine klokjesbij, de grote klokjesbij en de klokjesdikpoot.
Drukke moeders
In die korte levensfase staat alles in het teken van één taak: het veiligstellen van een nieuwe generatie.
Na de paring zoeken de vrouwtjes een geschikte nestplek: een holle stengel, een oude kevergang in dood hout of een kamer in een bijenhotel. Daar bouwen ze een rij zorgvuldig afgesloten broedcellen, elk gevuld met precies genoeg voedsel voor één toekomstige bij.
Klokjesbijen eten zelf alleen nectar, maar hun larven zijn volledig afhankelijk van stuifmeel van klokjesbloemen. Deze nauwgezette specialisatie maakt ze kwetsbaar, maar ook bijzonder: zonder klokjes ontstaan er simpelweg geen klokjesbijen. Voor één larve moet een vrouwtje gemiddeld 59 bloemen bezoeken – een indrukwekkende prestatie voor zo’n klein insect.
Een bedje voor een bijtje
Wie goed oplet, ziet soms iets bijzonders: mannetjes‑klokjesbijen kruipen ’s avonds diep in een klokjesbloem om daar te overnachten. Ze klemmen zich vast aan het bloemblaadje en slapen beschut tussen de paarse wanden — een klein, verwonderlijk moment!
Een klokje voor een bijtje
Bijen en bloemen hebben een hechte verbondenheid. In duizenden jaren hebben specialistische bijen geleerd om specifieke planten te herkennen aan hun kleur, geur en vorm – en die trouw te blijven. Omdat onze insecten zich zo lang aan onze inheemse flora hebben aangepast, zijn juist deze planten het meest geschikt als voedsel- en leefbron.
Geschikte inheemse soorten voor klokjesbijen:
- Grasklokje (Campanula rotundifolia)
- Ruig klokje (Campanula trachelium)
- Rapunzelklokje (Campanula rapunculus)
- Prachtklokje (Campanula persicifolia)
- Weideklokje (Campanula patula)
- Akkerklokje (Campanula rapunculoides)
Ook passend als nectarbron:
- Kaasjeskruid (Malva-soorten)
Plant je mee?
Met het verdwijnen van natuurlijke, wilde planten in onze graslanden verliezen klokjesbijen hun belangrijkste voedselbronnen. Deze kleine specialisten spelen juist een grote rol in de rijkdom en stabiliteit van onze natuur. Omdat ze slechts enkele weken per jaar actief zijn, hebben ze weinig ruimte om te herstellen van veranderingen in hun omgeving, en zijn ze extra kwetsbaar wanneer bloemen verdwijnen.
Gelukkig kunnen we het verschil maken! Laten we ze een handje helpen — met een klokje voor een bijtje!
Plant inheems!